Hoe lucifer aan zijn kapje kwam.

Ooit maakten we deze poster voor een kalender met vervormde sprookjes. Een paar jaar later deed het beeld iets zinderen in onze hersenen. Lucifer, we proefden het woord. ‘Klinkt speels, ook wat rebels en ondeugend. Ter ere van Roodkapje kreeg lucifer een kapje. Zo springen we altijd in het oog.

allesaffichebeeldbewerkingboekdrukwerkhuisstijllogomagazinewebsite

een literair meesterwerkje dat je zeker lezen moet gelezen hebben

Lees the full story onderaan en de boze wolf zal nooit meer dezelfde zijn.

het meisje met de eierstokjes

Er was eens een heel lief meisje. Wie naar haar keek moest wel van haar houden. Ze heette Roodkapje. Op een moment zei haar mama: “Roodkapje, hier heb je een mand met een stuk taart en een fles wijn. Breng ze naar grootmoeder, want die is ziek. Ga niet van de grote weg af en kom op tijd terug. Hier zijn ook nog zes eieren en een pak zwavelstokjes. Daar had grootmoeder om gevraagd. Pas op dat de eitjes niet breken”. Roodkapje ging op weg. In het bos kwam ze de wolf tegen. Ze was helemaal niet bang. “Dag wolf” zei ze gewoon. “Dag Roodkapje” zei de wolf “waar ga jij zo vroeg naartoe en wat zit er in dat mandje?” “Een fles wijn, wolf, en een stuk taart” zei roodkapje. “Zo” zei de wolf “En wat heb je daar onder je schortje?” “Eierstokjes” zei roodkapje. “Wel, wel” zei de wolf en hij verdween op slag met grote sprongen. Hij liep regelrecht naar het huis van de grootmoeder en at haar op. Daarna trok hij haar kleren aan en ging in bed liggen. Niet lang daarna kwam roodkapje. Ze ging naar binnen en zette haar mandje neer. “Grootmoeder?” vroeg ze. “Hier ben ik lief kind, kom maar bij mij in bed liggen.” Roodkapje kleedde zich gehoorzaam uit en kroop in bed. Omdat het zo donker was stak ze een zwavelstokje aan. “Grootmoeder” zei ze verbaasd “wat heb jij een grote oren”. “Dat is om je beter te kunnen horen.” Het vlammetje ging uit en ze deed nog een lucifer branden. “Grootmoeder, wat heb je toch een grote ogen.”“Dat is om je beter te kunnen zien, m’n lieve kind.” Ze stak voor een derde keer een zwavelstokje aan en keek nog eens. “Grootmoeder … ik bedoel grootvader!” fluisterder ze “wat heb jij een grote …” In het licht van het vlammetje keek de wolf haar aan. Wie naar haar keek moest wel van haar houden. Oooohhh slechte wolf!” zuchtte Roodkapje en deed alle zwavelstokjes tegelijk aan. Dat gaf een feestelijk licht. Ze dronken de wijn leeg en aten de taart op. Ze leefden nog lang en gelukkig.

... wij geven vorm aan jouw verhaal

lucifervormgevers

eb.reficul@luap
68 82 182/30 (23+)
Molenlei 51
2530 Boechout

© 2019 lu'cifer, Built with Gatsby by WEBhart